zaterdag 23 juli 2011

Lucky goat!

Vrijdagmiddag waren we vroeg klaar. Vanaf het ziekenhuis is het een korte wandeling bergafwaarts naar het centrum van Akosombo. Omdat we nu eens tijd hadden om naar de markt te gaan, lieten we die kans natuurlijk niet schieten.
Onderweg zagen we een geit, die de weg overstak, aangereden worden door een auto. Het was een enorme klap, we schrokken er heel erg van. Even leek de geit te gaan sterven, maar wonderbaarlijk genoeg, sprong hij na een klagende huil op en rende achter de rest van de kudde aan. Onze mond viel open. Een man, die beweerde ooit nog bij Ajax met Gullit gevoetbald te hebben, had het ook gezien en zei dat god er vandaag voor had gekozen de geit zijn leven terug te schenken. God wordt hier vaak aangehaald. Niet alleen mondeling maar ook schriftelijk. Op bijna elke winkel en de achterruiten van taxi's staan teksten als: "The Lord knows", "The devil is a liar" of "Jesus lives Beauty Salon" . We moeten vaak lachen om de creativiteit van deze teksten.
Van de wandeling van onze werkplek naar de markt hebben we foto's gemaakt. Kijk eens wat het hier mooi is.


Apothekersdagen

Op donderdagochtend wordt het overleg van de medische staf ingevuld door een spreker van buiten het ziekenhuis. Deze dag kwam een apotheker van Bayer HealthCare een gesponsord verhaal vertellen over vaginale infecties en een korte  geschiedenis van het voorbehoedsmiddel. In de powerpoint was een plaatje opgenomen over de staat van de erectie in de verschillende levensfasen. De jonge apotheker gaf lachend aan zich nog steeds in de meest gunstige fase te bevinden en hoopte daar nog even in te blijven.
De presentatie duurde meer dan een uur, wat een enorme druk op de rest van het programma legt de hele dag voor alle artsen. Maar, zonder ontbijt hoefden we het niet te stellen, want we kregen een warme snack (een soort hartige gevulde koek met rundvlees), een cakeje en een liter (!) pak ananassap zonder bekertje. Hierna werden we verwacht bij de Reproductive and Child Health Clinic. Er was onder andere een voorlichting voor zwangeren, die instructies kregen over wat te doen voor, tijdens en na de bevalling. Missy, de leuke O&G verpleegkundige van de FPD hield het praatje en hoewel het gedeeltelijk in Twi (wat hier veel wordt gesproken naast Engels) was, was het voor ons goed te volgen. Missy praat met haar hele lijf en ze had de hele tijd flink wat dames aan het lachen.

Op vrijdag was er na het ochtendoverleg de wekelijkse ward rounds voor alle medici. Ook deze keer gingen we met z'n elven op stap. Als physician assistants i.o. aan het werk binnen de asielzoekerszorg kregen we nu een flink portie tropengeneeskunde voorgeschoteld. We zagen twee patienten met sikkelcelanemie (dat alleen bij mensen met een donkere huidskleur voorkomt), die vanwege het koude weer (let wel, het is hier zo'n 28-30 graden Celcius...) een crisis hadden. Ook zagen we een aantal mensen met malaria. Er was een meisje van 5 met koortsstuipen waarvan men nog niet wist wat er precies aan de hand was, het zou malaria, meningitis of tetanus kunnen zijn. We zagen een 35 jarige patient met een psychiatrische aandoening en een flinke alcoholverslaving. Terwijl wij aan het bed stonden lag hij te slapen. De arts schudde hem wakker en vertelde erbij dat ze eens tijdens de ward rounds op advies van de verpleegkundige een man lieten slapen. Echter kwamen ze er later achter dat die man niet sliep, maar was overleden. Dat zou hem dus niet meer overkomen! Toen de alcoholische patient wakker was en rechtop ging zitten, trok hij afwezig het laken over zijn hoofd. De arts assistent, een wat oudere vriendelijke vrouw, vertelde dat hij stemmen hoorde. Binnenkort wordt hij overgeplaats naar een psychiatrisch ziekenhuis in Accra, want hier in de buurt zijn helaas geen faciliteiten voor mensen die psychische of psychiatrische hulp nodig hebben.
Ook kwamen we op een tweepersoonskamer bij een oude man met een open long TBC, die lekker lag te hoesten. Voor wie het niet weet open TBC is erg besmettelijk! Wij hadden de kans weer naar buiten te lopen, de jonge man die er naast lag niet.

Vrijdagmiddag stond er voor ons een kennismaking gepland met de ziekenhuisapotheek. Tijdens de rondleiding daar kregen we uitleg over hoe zij werken en bespraken we samen de verschillen met de Nederlandse situatie. Het team van de apotheek had net een training gehad hoe ze digitaal kunnen gaan werken. Nu wordt alles nog met de hand gedaan, zelfs de etiketten die op de doosjes gaan. Het enigste dat met de computer wordt geregistreerd is de uitgifte van antibiotica, ter controle of iemand niet te veel krijgt (want je kan resistent worden). Behalve op de administratie is dit de enige computer die we hier hebben gezien. Voor Petra, onze apotheker van het GC A in Eindhoven hebben we mooie foto's gemaakt.

De medici hier zijn superspecialisten in het gebruik van antibiotica (AB). Ze kunnen goed onderbouwen waarom bij een bepaalde infectie wordt gekozen voor een specifieke AB. Een van de artsen legde uit dat wij in het Westen meer kennis en kunde hebben op het gebied van chronische ziekten en dat zij meer weten van infecties. Of wij als Westerlingen zo gelukkig moeten zijn dat we alles weten van chronische ziekten... Tijdens de consulten op de OPD hebben we een paar keer bij kunnen dragen aan de juiste keuze in behandeling, want ook hier komen ziekten als diabetes en hoge bloeddruk steeds meer voor.





Contact

Uit allerlei bronnen bereiken ons steeds meer berichten dat jullie graag willen reageren op onze weblog, maar dat het niet lukt. We horen graag hoe het met jullie gaat en we willen ook wel feedback op onze avonturen (houdt ons scherp). Dus, mail alsjeblieft naar physicianassistantinghana(at)gmail.com. Zet in plaats van (at) natuurlijk een @.

donderdag 21 juli 2011

Outdoor CB

Rebecca en Michelle aan de wandel.
Mieke aan de administratie & het Groene Boekje.
Kleurig koppie. Zou ze hoofdpijn hebben?
Kijk dit mooie meisje (met armbanden en heupsieraad) eens hangen aan de weegschaal.
De kinderen leken het erg fijn te vinden.

woensdag 20 juli 2011

Onze mede co-assistent uit de Ukraine

De 25 persoonsbus, waar we ‘s ochtends mee worden opgehaald, stopt recht voor ons guesthouse. Gewoonlijk, als de chauffeur halverwege de straat is, toetert hij, zodat we weten dat we mee kunnen. Gisteren echter waren wij iets te laat met reageren, zodat de chauffeur bijna weer weg reed voordat we buiten waren. Dus vanochtend gingen we voor de zekerheid  8 minuten van te voren buiten staan. Maar de bus kwam maar niet. Justice (24), de security man van dienst stelde na een kwartier wachten voor vast een stuk te lopen met z’n drieën. Na een halve kilometer kwam de bus aanrijden. Hij was ondertussen 20 minuten te laat en we maakten ons een beetje zorgen. We werden namelijk uiterlijk 08.30 u verwacht in het ziekenhuis vanwege onze dag uit met de Family Planning Department (FPD). En we moesten nog ontbijten in de ziekenhuiskeuken.
Gelukkig bleek in het ziekenhuis dat de bus die ons en het team van de FPD naar de stad zou brengen, dezelfde bus was, als waarin we naar het werk waren gebracht. Na het ontbijt meldden we ons met behulp van een van de facilitair medewerkers van het ziekenhuis bij de FPD.
Tassen, koelboxen met vaccins, plastic stoelen, tafel bladen en –poten werden in de bus geladen. Waarna wij met onze mede co-assistent Rebecca (22), 2 verpleegkundigen, een technisch assistent  en 12 man personeel uit de nachtdienst weer terug in de bus stapten. Rebecca is een rustige Ghanese meid, die haar opleiding geneeskunde aan een universiteit in Ukraine volgt. Voor haar co-schap is ze deze zomer 8 weken terug in Akosombo. Ze komt van oorsprong hier uit de Volta regio.
Na een flinke omweg (van ongeveer een uur), omdat het VRA personeel netjes thuis voor de deur wordt afgezet, kwamen we boven op de berg aan, in een ander deel van Akosombo. Terwijl zo’n 30 moeders met babietjes in de draagdoek of aan de borst onder een boom op ons zaten te wachten, werden de spullen uit de bus geladen. Op een betonnen verhoging met een golfplaten overkapping, werden de twee tafels opgezet en een weegschaal aan het balkenplafond gehangen. Ter controle of de haak goed hing, ging de technisch assistent er aan hangen.
Ons outdoor consultatiebureau! Aan de ene tafel moesten de moeders zich melden en hun groene boekje (net als bij ons!) afgeven. Een en ander werd geregistreerd in een handgeschreven administratieboek. Daarna werden de namen van de kindjes afgeroepen, zodat de technisch assistent ze kon wegen (zie foto). Waarna ze bij de tweede tafel (waar wij ook aan zaten), konden komen voor de immunisatie.
Missy, een goedlachse, mollige O&G verpleegkundige instrueerde ons hoe we haar konden ondersteunen met de registratie. Een dik en groot schrift met harde kaft werd er bij genomen. Michelle mocht beginnen en raakte van de wijs door de enorme hoeveelheid data die met de hand opgeschreven moest worden. Zij verwisselde baby- en moedernamen en kreeg keer op keer geduldige aanwijzingen van Missy hoe en waar de data van vorige vaccinaties te noteren.
Daarna was Mieke aan de beurt, dat ging wat vlotter (nadat ze bij Michelle had kunnen zien hoe het niet moest). Ondertussen prikte Missy er flink op los. Ze jaste de naald (die normaal in het lekkere dikke bovenbeentje van de baby gezet moet worden), bijna in de kniegewrichtjes met een snelheid, die niet met het blote oog te volgen was. De kinderen jankten stuk voor stuk zo hard, dat we soms dachten dat ze er in zouden blijven. En terwijl ze dan huilden, werden in het open mondje net zo vlot wat druppels vitamine A en poliovaccin geperst. Machinaal bijna…
Omdat we bijna een uur eerder klaar waren dan gepland omdat wij geholpen hadden met de administratie, zijn we een stukje gaan wandelen met Rebecca. Het uitzicht in dat deel van Akosombo is prachtig. De vallei waarin de stad ligt, heeft groene glooiende hellingen met witte huizen met afwisselend rode en groen daken. Het is er erg stijl, je moet dus lekker slenteren om niet te zweterig te worden in de, met het verstrijken van de dagen,  steeds warmer en droger wordende lucht. Af en toe en op sommige plekken, als het windstil is, ruik je dode vis in verschillende stadia van ontbinding (we zitten nu eenmaal aan de Volta rivier). Als de wind warm en vochtig, satijnzacht over je huid gaat, ruik je gelukkig vooral houtvuur en het groen van de bomen.
Rebecca vertelde ons dat het studeren in de Ukraine niet altijd even makkelijk is. De opleiding is internationaal en wordt gegeven in het Engels. Maar veel patiënten in de ziekenhuizen waar ze als student stage loopt, zijn niet gewend aan een donkere huidskleur. Soms willen ze niet door haar worden aangeraakt. Of er worden kwetsende opmerkingen gemaakt tegen haar of nog erger, men maakt apengeluiden als ze langsloopt. Erg geschokt over haar verhaal vertelde ze tegen ons dat ze ondanks dat een fijne tijd in de Ukraine heeft en de taal langzaam leert verstaan en spreken.
Ze vroeg ons of het in Nederland ook -26 graden was in de winter. Het is een leuk idee om Rebecca (zie foto) met een bontmuts op in de sneeuw te zien lopen.
De bus terug kwam weer te laat, zo’n anderhalf uur, je raakt er aan gewend (zelfs als Nederlander). Op de terugweg werd er personeel voor de avonddienst opgehaald, zodat we vandaag ongeveer 3 uur in de bus hebben gezeten. Van ons huis naar het ziekenhuis is hemelsbreed max. 10 kilometer, dus stel je voor. Maar het is beregezellig onderweg, de Ghanese mensen maken veel contact met elkaar in het openbaar en er wordt heel wat afgelachen, ook ’s ochtends om half acht.
Al met al weer een leerzame en leuke dag.

dinsdag 19 juli 2011

In de consultancy room en op de gang

De lange wachtrij in de gang voor de consultancy rooms (zie je waar de gang eindigt?)
Mieke aan het studeren in de consultancy room, terwijl we wachten tot het spreekuur begint.
Dit is de stoel waar patienten op moeten zitten tijdens het consult.
Het doet ons telkens weer denken aan een elektrische stoel. Zoals je ziet, zit hij wat rigide.
Let op de neksteun en de schroef aan de achterzijde, waarmee hij helemaal plat gelegd kan worden.

OPD

De afgelopen 2 dagen hebben we op de Out Patient Department (OPD) in het ziekenhuis gewerkt. Onderdeel hiervan zijn de spoedeisende hulp, de general practitioner (huisarts) en tandheelkunde.
Patiënten komen naar het ziekenhuis en melden zich bij de receptie van het dossierarchief. Hier moeten ze wachten tot hun dossier is gevonden of (bij nieuwe patiënten) een dossier is aangemaakt. Hun papieren dossier wordt afgegeven bij de triageverpleegkundige en de patient neemt plaats aan de linkerzijde van de wachtruimte, achteraan in de rij. De rij bestaat uit ± 100 stoelen (10 x10), waar op de menigte zich als een trage slang naar de voorste stoel beweegt. Eenmaal vooraan aangekomen  wordt door een verpleegkundige de bloeddruk en de temperatuur gemeten, de pols opgenomen en kinderen worden gewogen (goede risico-inventarisatie én 0-meting). Deze informatie wordt op een kartonnetje
geschreven – uit een lege latex handschoenen doos geknipt –  en hiermee kunnen ze plaats nemen in de volgende wachtrij aan de rechterkant van de open ruimte, die zich eender richting de voorste stoel begeeft. Daar aangekomen bepaald de triageverpleegkundige bij welke consultancy room (en dus wat voor soort arts) men plaats kan nemen. Kinderen met koorts en spoedgevallen worden eerder geholpen. Na een aantal uren wachten (er melden zich honderden mensen iedere dag) zien mensen dan eindelijk de arts, die (gelukkig) uitgebreid de tijd neemt voor de mensen.

Patienten die met spoed een arts moeten zien mogen de klapdeuren naar de ER door. Op de spoedeisende hulp werden de afgelopen dagen 2 mensen opgenomen die daar ook overleden. De eerste was een man van 75 die kwam met pijn in de onderbuik. Bij onderzoek bleek hij ook nog uitgedroogd en vocht én lucht in de buikholte te hebben. De luchtbel die op de rontgenfoto te zien was, wees op een perforatie ergens in zijn buik. Hij kreeg via een infuus vocht. Voor de perforatie zou hij geopereerd worden, maar het mocht helaas niet meer baten.
Later werd er een man van 58 binnen gebracht met ernstige brandwonden, zo n 60% van zijn lichaam was verbrand. Tijdens het sprayen met anti-insecten gas, was er brand ontstaan en daarna een flinke explosie. Hoewel het precies duidelijk was, wat er voor zorg geleverd moest worden, stond het team met de handen in het haar, want het ziekenhuis heeft geen beademingapparaat. De man overleed. Met de artsen bespraken we de frustratie van het niet kunnen behandelen terwijl je alle kennis en kunde in huis hebt. Hierna hebben we besloten te gaan zorgen dat er een (tweedehands) beademingsapparaat naar het ziekenhuis gaat vanuit Nederland (later hierover meer).